Inleiding
Over grafiek
Grafiek als prentkunst
Wat is orginele grafiek?
Vijf prentsoorten
De diepdrukprent
De vlakdrukprent
De hoogdrukprent
De doordrukprent
De computerprent
Prentbeschrijving
Inkt
Bewaren van prenten
Papier
Oplage
Zwart-wit of kleur?
Onderschrift signering
Herkennen
Het kopen van prenten
Garanties
Literatuur
|
Papier In Westeuropa is papier voor het eerst door Arabieren in Spanje gemaakt. Dat begon in de 11de eeuw maar al duizend jaar eerder was papierbereiding in China bekend. Het bestaat in hoofdzaak uit vezels, vulstof en lijm, die tot een waterige pap gemaakt na bewerking vellen of rollen opleveren. De oudste vmm is het handgeschepte papier. Met een platte zeef van tïjn gaas werd een hoeveelheid pap opgeschept, de zeef werd heen en weer geschud tot de pap een egaal oppervlak had gekregen en na uitlekken hield men dan een nat vel papier over. Dat had aan de vier zijden een wat dunnere rand, de zgn. scheprand. Die werd vroeger als een nadeel gezien en dus afgesneden. Nu worden schepranden soms kunstmatig aangebracht als een soort symbool van authenticiteit. Handgeschept papier wordt nog steeds gemaakt.
Tot het eind van de 18de eeuw werd papier vooral uit textielvezels vervaardigd, het zgn. lompenpapier. Daarna kwamen ook andere vezel soorten in gebruik, espartogras, hout en stro bijvoorbeeld. Er is tegenwoordig een groot aantal papiersoorten voor verschillende gebruiksdoeleinden. Van belang voor de graficus is het verschil tussen rond- en langzeefpapier. Bij papier dat op de rondzeef is gemaakt liggen de vezels in alle richtingen. bij langzeefpapier liggen ze alleen in de looprichting. de lengterichting van het papier. Dat heeft invloed op het krimpen en rekken. Rondzeefpapier rekt net als handgeschept papier bij vochtig maken min of meer gelijkmatig naar alle kanten, langzeefpapier rekt in de lengte anders dan in de breedte. Vooral bij diepdruk kan het gebruik van langzeefpapier onaangename verassingen veroorzaken.
Voor prenten is lompenpapier fraai, maar het is niet bij alle druktechnieken te gebruiken. Van belang is dat het papier een lage zuurgraad heeft. Zie hiervoor wat onder het hoofdje 'bewaren' wordt opgemerkt. Zwaar verlijmd papier is glad, stug en sterk, pakpapier bijvoorbeeld. Licht verlijmd is het meer zuigend, slap en kwetsbaar.
De gewichtsaanduiding van papier is het gewicht per vierkante meter. 80 grams is papier dat per m2 80 gram weegt. Voor prenten wordt soms dun en licht papier gebruikt, zijdepapier bijvoorbeeld dat gemaakt is van zijdevezels, soms gebruikt men dik en zwaar papier, 300 grams lompenpapier bijvoorbeeld. Het meest wordt 120 tot 240 grams papier gebruikt.
Er is twijfel ontstaan over de houdbaarheid van het hedendaagse papier op de lange termijn. Sommige vrezen dat over honderd jaar alle tegenwoordige boeken verpulverd zullen zijn. Misschien is dat zo maar het zal vermoedelijk niet opgaan voor prenten die vandaag worden gemaakt. Daarbij wordt namelijk veel aandacht geschonken aan de papierkwaliteit. De grotere papierfabrieken hebben juist met het oog op de grafische kunst hoogwaardig kwaliteitspapier ontwikkeld waarvan de houdbaarheid niet betwijfeld behoeft te worden. De kwaliteit kan men niet gemakkelijk met het blote oog beoordelen, vooral de zuurgraad niet. Maar men kan er in het algemeen wel op vertrouwen dat goed papier is gebruikt. De graficus heeft daar zelf alle belang bij en de ambachtelijke inslag die nog steeds veel grafici kenmerkt waarborgt voldoende zorgvuldigheid in dit opzicht.
Bron: Bovenstaande tekst is uitgegeven door de Vereniging voor Originele Grafiek, 1995. |
|
 |
(advertenties)
 |